Aufgabe HT 1 - Teilaufgabe 1: Textverständnis · Abitur NRW Niederländisch LK · Haupttermin · fortgeführt 2022
Thema: Textverständnis: Inhalte wiedergeben (Vat samen / Stel voor) · Aus der Prüfung LK · Haupttermin · fortgeführt (2022)
Aufgabenstellung
Situatie
Buiten schooltijd doe je mee aan On stage, een Europees project voor vluchtelingen in Eindhoven. Daarin maken nieuwe Nederlanders met een vluchtverleden korte theatervoorstellingen. Na afloop praten publiek en acteurs met elkaar over de vraag: “Hoe is het om een nieuw leven op te bouwen in een vreemd land?” Als deelnemer moet jij voor de voorbereidingsgroep onderzoeken of dit fragment uit de roman “Holland” van Al Galidi zich leent om tot een scène te worden bewerkt.
Informatie over de schrijver en de roman
Rodaan Al Galidi (*1971) is een uit Irak afkomstige Nederlandse schrijver. “Holland” is het vervolg op zijn succesvolle roman “Hoe ik talent voor het leven kreeg” die ook als toneelstuk werd opgevoerd. Al Galidi schrijft in deze romans over het asielbeleid en de Nederlandse samenleving. Het hoofdpersonage, asielzoeker Semmier Karim, heeft na negen jaar wachten eindelijk zijn verblijfsvergunning. In dit fragment plant hij een reis en heeft een reisdocument nodig van de gemeente.
Rodaan Al Galidi: Holland
Een glazen deur. Ik liep het gemeentehuis in met de brief met de verblijfsvergunning in
mijn hand. Naar het gemeentehuis gaan is misschien voor jou niets bijzonders, maar voor
mij waren dat soort dagelijkse gebeurtenissen juist het onmogelijkste en het engst. Een
haring bij zijn start pakken, boven je hoofd hijsen en in je mond laten zakken, ongekookt,
5 dat is voor mij geen lekker tussendoortje maar een marteling. Zo was het voor mij ook die
eerste keer bij de gemeente.
Ik weet inmiddels dat Nederlanders meestal goed voorbereid ergens naartoe gaan. Ze weten
precies wat ze willen en wat er van ze verwacht wordt om het te krijgen. Door de juiste
voorbereidingen worden ze niet gezien als stommelingen. Ik wist op dat moment wat ik wilde:
10 geen uitkering en geen woning, maar wel een reisdocument. Terwijl ik het gemeentehuis
binnenstapte en probeerde te bedenken wat ik nu moest doen, haalde een oude vrouw met een
rollator mij in. Een man in uniform met een sympathiek gezicht drukte voor de dame op een
apparaat en gaf haar het papiertje dat eruit rolde. Hij vroeg wat hij voor mij kon betekenen,
gaf mij ook een papieren nummertje uit het apparaat en wees me door naar de wachtruimte.
15 Regelmatig klonk er in de wachtruimte een piepje, waarna iemand opstond en naar een balie
liep. Omdat ik tot dan toe altijd aan het azc 1 had toebehoord en nu ineens bij de gemeente
moest horen, begon ik zonder het te beseffen mijn oude wereld te vergelijken met de nieuwe.
De receptie in het gemeentehuis zag er totaal anders uit dan die in het azc. Rustiger, schoner,
ruimer en de receptie hier was er blijkbaar niet om alles in de gaten te houden. De mensen
20 die binnenkwamen en met een nummertje plaatsnamen in de wachtruimte, liepen allen langs
de receptie alsof die niet bestond. En de receptionisten keken niet op als er iemand langsliep.
In het azc hielden de receptionisten alles en iedereen in de gaten en konden ze, vooral na vijf
uur, als alle kantoren gesloten waren, met één telefoontje de vreemdelingenpolitie op je af
sturen. Ze spraken altijd hard en schreeuwden soms, terwijl de receptioniste hier als ze sprak
25 niet verder dan de persoon voor haar te horen was. Zelfs toen er een paar azielzoekers die niet
goed Nederlands spraken binnenkwamen met hun kinderen, bleven de receptionisten kalm,
raakten niet geïrriteerd en riepen niet: ‘Ga weg en kom terug met een vertaler’. Ook de
ambtenaren achter de balies hielpen iedereen zonder stemverheffing. Tegen niemand werd
geschreeuwd. [...] Twee kinderen van een Somalisch gezin speelden met de koffieautomaat in
30 de wachtruimte. Ze smeten met de plastic bekers en lepeltjes, maar er was niemand die ‘van
wie zijn die kinderen?!’ schreeuwde.
[...]
‘Nummer x83,’ zei ik tegen de vrouw achter balie 5, om te laten zien dat ik niet zomaar naar
haar toe gelopen was, maar ze deed alsof ze niets had gehoord. Er stond een bakje met andere
35 nummertjes erin waar ik mijn x83 bij legde.
De vrouw keek naar haar computerscherm. Ze was naar schatting ergens eind dertig.
[...] ‘Uw legitimatie, alstublieft.’ Ik overhandigde mijn w-document, het identiteitsbewijs
dat asielzoekers tijdens hun procedure krijgen, met de w van wachten. Ze pakte het met
twee vingers in de hoek aan.
40 ‘Waarom bent u hierheen gestuurd?’ vroeg ze. Niet waarom ik was gekomen, maar was
gestuurd, alsof het w-document het bewijs was dat ik daar niet op eigen initiatief kon zijn. Ik
had bedacht dat ik zou zeggen dat ik daar was omdat ik geen uitkering en geen woning wilde,
maar wel een reisdocument, maar haar vraag en haar strakke blik met die blauwgroene ogen
zorgden ervoor dat ik zei: ‘Mevrouw Annelies Vos heeft me hierheen gestuurd omdat ik het
45 generaal pardon 2 heb gekregen.’ Dat was de manier die ik in het azc had geleerd: duidelijk
zeggen dat ik door iemand was doorgestuurd, dat betekende dat het echt de bedoeling was
dat de vrouw achter de balie mij zou helpen en ik geen stappen overgeslagen had.
De vrouw controleerde het A4’tje en het w-document en noteerde iets.
‘Heeft u een adres buiten het azc?’
50 ‘Nog niet, mevrouw.’ Ze keek weer op het scherm. ‘Kan ik het adres van het azc opgeven?’
Ze bleef naar het scherm kijken en gaf geen antwoord. ‘Ik wil graag een reisdocument. Ik
heb een pasfoto en vijftig euro,’ zei ik en wilde die uit mijn binnenzak halen.
‘Met een w-document kunt u geen reisdocument krijgen, daarvoor heeft u een ander pasje
van de IND 3 nodig, met uw verblijfsvergunning erop.’
55 ‘Hoe lang duurt dat?’ vroeg ik, zonder erbij na te denken. Haar blauwgroene ogen keken mij
ineens nog koeler aan.
‘Meneer...,’ een blik op mijn w-document ‘...Karim. Wij zijn de gemeente. Niet de IND.’
Op een gele post-it schreef ze UVW of GSB of VVD 4, ik weet niet meer wat er stond, maar
het waren in ieder geval drie letters. ‘Ga daarheen voor uw uitkering.’
60 ‘Maar ik wil liever geen uitkering,’ zei ik zacht. Ik had net niet alleen slecht opgelet, ik had
ook iets van haar gevraagd waar ze niets mee te maken had en, zo zou ik inmiddels toch
moeten weten, zo werkte het niet.
‘Meneer, u moet daar zijn,’ zei ze en tikte met haar pen op het notitieblaadje. Ze duwde het
A4’tje en het w-document in mijn richting en keek weer naar het computerscherm. Ik wist
65 niet of ik moest gaan of blijven. In het azc zeiden ze het als je moest gaan, of bevalen ze het,
maar deze vrouw verwachtte dat ik wist dat mijn afspraak met haar beëindigd was.
bron: Al Galidi, Rodaan: Holland. Zwolle: Uitgeverij De Kade 2020, p. 10 – 13
1 Het azc: een asielzoekerscentrum is een opvangcentrum voor asielzoekers die tijdelijk in Nederland verblijven tot over hun asielaanvraag is beslist.
2 generaal pardon: een regeling waarbij migranten die al geruime tijd in Nederland verblijven alsnog een eerder geweigerde verblijfsvergunning toegekend krijgen.
3 IND: Immigratie- en Naturalisatiedienst. Deze dienst beoordeelt de verblijfsaanvragen.
4 UVW, GSB en VVD zijn diverse afkortingen. UVW staat voor Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen, GSB kan verwijzen naar Groninger Studentenbond of Grote Stedenbeleid en VVD is een politieke partij, de Volkspartij voor Vrijheid en Democratie.
Opdracht: Schrijf de tekst van een spreekbeurt voor de voorbereidingsgroep, die gaat over het fragment uit "Holland" van Rodaan Al Galidi.
•
Vat samen wat er gebeurt in dit fragment uit de roman. [10 Punkte]

Lösung
Nach den offiziellen Korrekturhinweisen
Vat samen wat er gebeurt in dit fragment uit de roman.
Lösung: De samenvatting moet ingaan op de volgende kernpunten: 1. De thematische inbedding en achtergrondinformatie over het bronmateriaal (roman *Holland* van Rodaan Al Galidi, asielzoeker Semmier Karim die na 9 jaar een verblijfsvergunning/generaal pardon heeft gekregen en nu een reisdocument nodig heeft). 2. De weergave van de opeenvolgende handelingen: - Semmier Karim wacht in de wachtruimte van de gemeente / het gemeentehuis. - Hij observeert nauwgezet de omgeving, de ambtenaren en de aanwezige mensen (en vergelijkt dit met zijn ervaringen in het azc). - Het gesprek met de baliemedewerkster vindt plaats. - De baliemedewerkster misinterpreteert zijn vraag of bedoeling volledig (gaat ervan uit dat hij voor een uitkering komt). - Semmier wordt weggestuurd naar een andere instantie voor een uitkering, terwijl hij uitsluitend een reisdocument wilde aanvragen.
Die ausführliche Erklärung Schritt für Schritt (mit KI) gibt es mit Premium. Premium
Löse sie direkt hier: automatische Korrektur, Hinweise und Lösung Schritt für Schritt.
‹ Aufgabe HT 3 - Deel 1 · GK · Haupttermin · neu einsetzend · Weit 2022 · Aufgabe HT 2 - Teilaufgabe 1: Textverständnis · LK · Haupttermin · fortgeführt 2022 ›
Mehr Aufgaben zu Textverständnis: Inhalte wiedergeben (Vat samen / Stel voor)
- Aufgabe HT 2 - Teilaufgabe 1 · GK · Haupttermin · neu einsetzend 2022
- Aufgabe HT 3 - Teilaufgabe 1 · GK · Haupttermin · neu einsetzend 2022
- Aufgabe HT 1 - Deel 1 · GK · Haupttermin · neu einsetzend · Weit 2022
- Aufgabe HT 2 - Deel 1 · GK · Haupttermin · neu einsetzend · Weit 2022
- Aufgabe HT 3 - Deel 1 · GK · Haupttermin · neu einsetzend · Weit 2022
- Aufgabe HT 2 - Teilaufgabe 1: Textverständnis · LK · Haupttermin · fortgeführt 2022
- Aufgabe HT 3 - Teilaufgabe 1: Textverständnis · LK · Haupttermin · fortgeführt 2022
- Aufgabe HT 1 - Deel A.1 - Inhoud weergeven · GK · Haupttermin · fortgeführt 2021
- Aufgabe HT 2 - Deel A.1 - Inhoud weergeven · GK · Haupttermin · fortgeführt 2021
- Aufgabe HT 3 - Deel A.1 - Inhoud weergeven · GK · Haupttermin · fortgeführt 2021